Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS houdende grond en baggerspecie

Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS houdende grond en baggerspecie

In een brief aan de Tweede Kamer biedt de Staatssecretaris van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) het ‘Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ (hierna: handelingskader PFAS) aan. Dit handelingskader is opgesteld in samenwerking met decentrale overheden. PFAS komt diffuus verspreid voor in de bodem in Nederland en Europa en wordt op veel plaatsen in gehalten boven de detectielimiet aangetroffen. Als gevolg daarvan treedt stagnatie op in het verzet van grond en baggerspecie. Het handelingskader beoogt die stagnatie waar mogelijk op te heffen, terwijl tegelijkertijd onverkort het uitgangspunt geldt dat risico’s voor de gezondheid, het milieu en het verspreiden van PFAS houdende grond en baggerspecie naar niet of minder belaste gebieden worden voorkomen.

Tijdelijk handelingskader voor PFAS houdende grond en baggerspecie

Het tijdelijke handelingskader biedt een landelijk kader voor de omgang met PFAS-houdende grond en baggerspecie. Dat kader zal juridisch worden verankerd via een separate wijziging van de Regeling bodemkwaliteit. Omdat sprake is van een invulling van de zorgplicht, kan dit handelingskader, vooruitlopend op de aanpassing van de regelgeving, nu al worden gebruikt. Daarnaast hebben bevoegde overheden de mogelijkheid om in hun eigen bodembeleid beargumenteerd af te wijken van de landelijke normen. Een definitief kader voor het omgaan met PFAS-houdende grond en baggerspecie kan nu nog niet worden opgesteld omdat er nog een aantal belangrijke onderzoeken in uitvoering zijn over PFAS in grondwater, bio-accumulatie, mobiliteit en uitloogkarakteristieken van PFAS. Naar verwachting worden de onderzoeken begin 2020 afgerond en kan het definitieve handelingskader voor PFAS dan worden opgesteld. Het tijdelijke kader is daarom in het algemeen terughoudend en in het bijzonder terughoudend voor toepassing van PFAS houdende partijen beneden het grondwater en in oppervlaktewater.

Hoofdlijnen van het handelingskader

In het handelingskader PFAS worden voorlopige toepassingsnormen geïntroduceerd voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. Deze normen zijn gebaseerd op het advies van RIVM over risicogrenzen voor PFOS, PFOA en GenX. Voor veel projecten betekent dit dat per direct PFAS-metingen moeten worden meegenomen bij het onderzoek naar de kwaliteit van grond of baggerspecie en/of toe te passen landbodem of waterbodem.

Toepassingen op de landbodem

In het handelingskader PFAS zijn voorlopige toepassingsnormen van 7 µg/kg voor PFOA en 3 µg/kg voor andere PFAS (waaronder PFOS en GenX) opgenomen voor toepassingen van grond en baggerspecie op de landbodem, mits toegepast boven het grondwaterniveau en buiten grondwaterbeschermingsgebieden. Deze toepassingsnormen gelden voor locaties die zijn ingedeeld op de bodemfunctieklassekaart in de bodemfunctieklassen Wonen en Industrie, het verspreiden van baggerspecie op het aangrenzende perceel en het toepassen in een grootschalige toepassing. Voor de overige toepassingen op de landbodem, dus op bodems die zijn ingedeeld als bodemfunctieklasse landbouw/natuur en/of een bodemkwaliteit ‘voldoet aan achtergrondwaarden’, binnen grondwaterbeschermingsgebieden of toepassingen onder het grondwaterniveau geldt in principe de bepalingsgrens (0,1 µg/kg) als toepassingseis. Het bevoegd gezag kan beargumenteerd andere (soepelere of strengere) waarden in het eigen bodembeleid opnemen.

Toepassingen op de waterbodem

Voor het toepassen van grond in oppervlaktewater geldt de bepalingsgrens (0,1 µg/kg) als toepassingseis. Voor het toepassen van baggerspecie in oppervlaktewater geldt dat baggerspecie in principe benedenstrooms kan worden toegepast. Voor andere locaties geldt de bepalingsgrens (0,1 µg/kg). Uitzondering hierop is het bovenstrooms toepassen van baggerspecie als is aangetoond dat het sediment bovenstrooms eenzelfde of hoger gehalte aan PFAS bevat dan de te verzetten baggerspecie. Ook voor het toepassen van grond en baggerspecie in diepe plassen geldt de bepalingsgrens (0,1 µg/kg), tenzij een locatie-specifieke afweging is gemaakt door het bevoegd gezag.

Opslaan, reinigen, storten en import/export

Het handelingskader PFAS beschrijft ook mogelijkheden voor het opslaan, reinigen en storten van PFAS houdende grond en baggerspecie.  Opgeroepen wordt om de acceptatiecriteria van vergunningen te controleren en waar nodig aan te passen. Ook gaat het handelingskader PFAS in op de mogelijkheden voor de import en export van PFAS houdende grond en baggerspecie.

Zeer Zorgwekkende Stoffen: aanpak aan de voorkant en de achterkant

In de kamerbrief adviseert de Staatssecretaris bevoegde overheden om vergunningen te doorlichten op Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS). Dit om te voorkomen dat ZZS-en in het milieu komen. Om de decentrale overheden daarbij te ondersteunen, laat het ministerie van IenW een onderzoek  uitvoeren naar de bronnen van PFAS. De Staatssecretaris roept decentrale overheden ook op een bijdrage te leveren door het verzamelen van data over de mate van verspreiding van PFAS over Nederland. Hiervoor kondigt de Staatssecretaris een meetstrategie aan voor de meest voorkomende PFAS voor bodem en sediment. Deze wordt gepubliceerd op de website van Bodem+. Doordat bevoegde overheden en initiatiefnemers in het kader van de zorgplicht de grond, baggerspecie en (water)bodem het komende jaar op PFAS onderzoeken, ontstaat inzicht in de mate van verspreiding van PFAS over Nederland. Aan de hand van het landelijke beeld en de lopende onderzoeken kan in 2020 een definitief handelingskader worden opgesteld.

Bron: https://www.rijksoverheid.nl/

 

Wij gebruiken cookies op onze website om uw klikgedrag te meten. U kunt deze cookies uitzetten via uw browser maar dit kan het functioneren van onze website negatief aantasten.